Alcohol
Inleiding
Alcoholhoudende dranken zijn onze belangrijkste genotmiddelen. Alcohol heeft bij kleine doses een opwekkend effect en het drinken van alcohol heeft in onze cultuur een duidelijke rituele betekenis: het symboliseert gezelligheid, feestelijkheid en verbroedering voor velen in allerlei situaties. Alcohol is bij uitstek geschikt om de ervaring van onlust te verdrijven: drinken betekent een compensatie van het menselijk tekort.
We moeten echter constateren dat er sprake is van een grote alcoholproblematiek in onze samenleving, die het gevolg is van de sterk gestegen alcoholconsumptie in de afgelopen decennia. Die problematiek openbaart zich in allerlei vormen en geeft alle reden tot bezorgdheid. Daarmee is het dilemma aangegeven waardoor het omgaan met alcohol wordt gekenmerkt.
De geschiedenis van Alcohol
Wanneer en op welke manier iemand ooit voor het eerst van een alcoholhoudend drankje heeft genoten vertelt de geschiedenis niet. Zeker is wel dat het erg lang geleden is geweest. Het ging daarbij niet om pure alcohol, maar om drank in de vorm van wat wij nu kennen als bier of wijn. Uit het late stenen tijdperk zijn nog bierkruiken bewaard gebleven. We hebben het dan over zo'n kleine tienduizend jaar geleden. Vanaf de tijd dat er via afbeeldingen of teksten iets bekend is over oude beschavingen, meldde men ook altijd wel wat over alcoholgebruik. Dit moet dus ook in die tijd een belangrijke rol hebben gespeeld. Zo zijn in oude Egyptische graven afbeeldingen aangetroffen waaruit heel duidelijk wordt dat dit volk, in ieder geval in de hogere kringen, al stevig dronk.
In de vorige eeuw was het drankgebruik onder de arbeiders groot. Niet alleen werd er 's avonds en 's zondags veel gedronken, mar ook 's morgens op weg naar het werk en op het bedrijf zelf was het gebruik van alcohol geen uitzondering. Na het jaar 1850 werd het misbruik van sterke drank meer en meer als een sociaal vraagstuk gezien, waardoor de oplossingen ook in de sociale sfeer kwamen te liggen.
Hoe wordt alcohol door ons lichaam verwerkt ?
Alcohol is voor ons lichaam een vergif. Dat vergif moet via een aantal tussenstappen worden omgezet in minder schadelijke stoffen, waardoor de alcohol uiteindelijk ontgiftigd wordt.
Miljarden cellen 'doen' overal in het lichaam iets met die afbraakprodukten. Bovendien wordt een aanzienlijke hoeveelheid chemisch onveranderd uitgeschieden in urine, zweet en in de uitademingslucht.
De lever is de belangrijkste centrale bij dit ontgiftingsproces. Bij regelmatig gebruik van grote hoeveelheden alcohol raakt die lever al snel overwerkt. Er treedt dan leververtering op, een aandoening die volledig kan genezen als men op dat moment met de drank stopt. Gaat men dó ó r met drinken, dan zal de lever steeds slechter gaan werken, waarbij de gespecialiseerde levercellen gaandeweg veranderen in nutteloos bindweefsel. Dit proces, levercirrose, herstelt zich niet meer, al kan de schade ook dan nog beperkt blijven indien de alcohol voorgoed wordt afgezworen. Het eindstadium van alcoholisme levercirrose is een afschuwelijk ziektebeeld, zich uitend in een veelheid van verschijnselen zoals : geelzucht, extreme vermoeidheid en het gevaar van dodelijke bloedingen, doordat de lever ook niet meer meedoet aan het maken van speciale eiwitten, die onmisbaar zijn voor de stollen.
Welke effecten heeft alcohol
Behalve de lever hebben ook de maag, de alvleesklier (pancreas) en de hersenen het bij chronisch alcoholmisbruik zwaar te verduren. Onsteking van het maagslijmvlies (gastritis) is er vrijwel altijd en een maagzweer treedt dan gemakkelijk op. Ook de alvleesklier is gevoelig voor de negatieve effecten van een voortdurende toevoer van alcohol. Bijzonder pijnlijk en gevaarlijk is een ontsteking van alvleesklier (pancreatitis). Zo'n ontsteking, al of niet gepaard gaande met geelzucht, is moeilijk te behandelen. Wie een acute aanval van pancreatitis overleeft, zal de rest van het leven geen druppel alcohol meer mogen drinken. Verder is er kans op beschadiging van de hersenen en het zenuwstelsel. Bij jarenlang drankmisbruik worden zoveel hersencellen vernietigd, dat het verstand en het geheugen sterk achteruitgaan. Vergeetachtigheid en 'black-outs' zijn het gevolg. In ernstige gevallen ontstaan het syndroom van Korsakow, een soort vroegtijdige dementie, die de laatste tijd veelvuldig wordt gezien, ook bij jonge mensen. Genezing van dit ziektebeeld is niet mogelijk.
Een grotere inname werkt verdovend, het reactievermogen verminderd, het oordeelsvermogen wordt aangetast, met als gevolg onder andere zelfoverschatting. Voorts is er een emotionele ontremming (sentimentaliteit, krokodillentranen, agressie), Een alcoholist klaagt in de regel over moeheid, interesseverlies, prikkelbaarheid, driftbuien, slechte eetlust, misselijkheid, braken (vooral in de ochtend), maagklachten, slecht slapen, gejaagd, gespannen gevoel in de benen, loopstoornissen, impotentie.
Andere effecten
- Verstoring opname voedsel -
Alcohol heeft een direct giftige werking op de wand van het maagdarmkanaal (waardoor gastritis of maagslijmvliesontsteking) met als gevolg verstoring opname van voedsel. Een symptoom hiervan is het braken met name in de ochtend.
- Hart en bloeddruk -
Alcohol en de bijproducten (cobalt in bier) hebben een direct giftige werking op het hart. Naast deze giftige werking op het hart, is er ook vaak sprake van ritmestoornissen en een verhoogde bloeddruk.
- Impotentie
Acht procent van de mannelijke alcoholisten krijgt impotentieklachten, de helft blijft impotent, ook nadat zij zijn gestopt met drinken.
- Dempende werking op centraal zenuwstelsel
Bepaalde remmende systemen worden gedempt, waardoor ontremming.
- Ontremming van het denken waardoor onder andere oordeels- en kritiekstoornissen, decorumverlies.
- Remming kleine hersenen
waardoor coördinatiestoornissen: slecht lopen, waggelen, evenwichtsstoornissen.
- Emotionele ontremming hyperemotioneel, driftbuien, agressie.
- Motoriek
aantasting van de grove motoriek (niet over een rechte lijn kunnen lopen) en fijne motoriek (niet meer kunnen schrijven, dingen laten vallen) en de spraak (lallen).
- Vitamine B1 (thiamine) tekort
Vitamine B1 wordt in de lever (met behulp van onder andere magnesium) omgezet tot een actieve stof (TPP). Een tekort aan thiamine bij alcoholisten kan ontstaan door: verminderde opname (slechte voeding, blokkade door alcohol in bloed en verandering darmwand door chronisch alcoholgebruik) en afname verwerking (afname omzetting in TPP door beschadiging van de lever en verminderde beschikbaarheid magnesium). Vitamine B1 tekort kan leiden tot de volgende acute aandoeningen:
- Ziekte van Wernicke -
Gekenmerkt door verwardheid, ataxie (evenwichtsstoornissen), oogspierparesen (verlamming oogspiertjes), nystagmus (snel rukkende beweging van de oogbol), polyneuropathie (aandoening zenuwen in armen en benen) en vaak een verlaagde bloeddruk. 15 % sterft (ten gevolge van infecties (aan de luchtwegen) of aan de complicaties van levercirrose.
De oorzaak van de ziekte van Wernicke zijn fatale bloedingen in de middenhersenen.
- Ziekte van Korsakow -
Geheugenverlies (niet in staat iets nieuws te leren door inprentingsstoornissen), desoriëntatie (met name plaats en tijd), en confabulaties (opvullen van leemtes in het geheugen met verzinsels) en karakterveranderingen.
- Ziekte van Sjosjin -
Acuut falen van een, door thiaminegebrek, verzwakt hart, als plotseling een verhoogde inspanning wordt vereist.
- Spieren -
Krachtsverlies, slap gevoel in voornamelijk de benen (vaak door tekort aan kalium, met name bij excessieve bierdrinkers); pijnlijke, gezwollen, krampende spieren met krachtsverlies (na enorme inname alcohol).
- Schadelijkheid bijproducten
Naast alcohol bevatten alcoholhoudende dranken talloze chemische verbindingen genaamd "congeners", waarvan sommige giftige eigenschappen hebben. Bijvoorbeeld tyramine in rode wijn kan een migraine-aanval uitlokken en metabisulfiet, in sommige wijnsoorten een astma-aanval. Naast deze congeners worden er ook andere alcoholen aangetroffen, zoals methanol.
Wanneer is iemand alcoholist ?
Hier zijn een paar kernpunten van wie de alcoholiste is en wie het kan worden:
- Wie al 's morgensvroeg een glaasje neemt
- Wie uit voorzorg een alcoholvoorraadje aanlegt
- Wie regelmatig op bepaalde tijden of bij bepaalde gebeurtenissen alcohol 'nodig' heeft
- Wie, als ze begint met drinken niet meer kan ophouden
- Wie zgn. black-outs heeft (naderhand niet meer weten wat je gedaan hebt)
- Wie dagelijks al zoveel drinkt dat het karakter sterk verandert is
Behandeling
Bij ernstige en langdurige alcoholverslaving is gespecialiseerde verslavingshulpverlening aangewezen.
De behandeling begint met een ontwenning (detoxificatie) waarbij de gebruiker met medicijnen (benzodiazepinen) en vitamineaanvullingen voor zijn lichamelijke verslaving wordt behandeld. De medicijnen zijn bedoeld om onthoudingsverschijnselen zo veel mogelijk te voorkómen.
Vervolgens wordt een individuele behandeling gestart. Met gedragstherapie (individueel of in groepsverband) leert de verslaafde nieuw gedrag zonder alcoholgebruik. Daarnaast wordt gekeken welke individuele risicofactoren tot een mogelijke terugval kunnen leiden. Met de behandeling probeert men die risicofactoren terug te dringen.
Aandachtspunten in de behandeling van alcoholverslaving zijn:
daginvulling en herstel van het dag- en nachtritme;
leren omgaan met emoties en spanningen;
herstel of versterken van de relatie met de partner en de andere gezinsleden;
herstel van de relatie met de omgeving (werk, wonen, opleiding, vrije tijd).
Op dit moment is er niet é é behandelingsmethode die gegarandeerd succes heeft bij alcoholisme. Het begint er al mee, dat de alcoholist zelf de eerste stap moet doen om zich te laten behandelen. Die motivering is voor velen erg moeilijk op te brengen, vooral op lange termijn. Nuchter worden kan iedereen. Nuchter blijven is het grote probleem. Uit de cijfers van ontwenningsklinieken, overal ter wereld, blijkt dat slechts twaalf tot vijfentwintig procent van alle behandelde alcoholisten langer dan drie jaar van de alcohol afblijft. Het meeste succes heeft de bekende en populaire organisatie AA: Anonomie Alcoholisten, waarvan in vele plaatsen van het land afdelingen bestaan, die iedere week groepsavonden houden, individuele begeleiding verzorgen en eventueel op huisbezoek gaan. De AA is ontstaan in de herfst van 1934, in New York. In Nederland is deze organisatie in oktober 1948 te Amsterdam gestart.
De enige vereiste voor het AA lidsmaatschap is het verlangen op te houden met het drinken van alcohol. Ook voor de partners en kinderen van alcoholisten bestaan er praatgroepen, waarin men elkaar zoveel mogelijk probeert te steunen en ook praktische adviezen geeft om met het alcoholprobleem om te gaan.
Maar je hebt natuurlijk nog meer hulpverlening. Je kan naar de huisarts gaan. Daar kun je terecht als je vermoedt dat je problemen hebt met het gebruik van verslavende middelen en als je die zelf niet kunt aanpakken, is de huisarts de eerste bij wie je te rade kunt gaan.
Je kunt naar de Consultatiebureaus voor Alcohol en Drugs (CAD's). Cad's zijn instellingen die speciaal zijn opgezet voor mensen die informatie, advies, ondersteuning, hulp en behandeling wensen in verband met problemen rond het gebruik van alcohol en andere middelen. Op een CAD werken maatschappelijkwerker/sters, artsen, psychologen, psychiaters en verpleegkundigen. Het verplicht tot niets wanneer je eens een praatje gaat maken.
Tot slot kun je ook naar de verslavingskliniek. In een verslavingskliniek, die al zeer lange tijd en in zeer sterke maatte problemen hebben met overmatig alcoholgebruik. Een opname in een verslavingskliniek is tamelijk ingrijpend. Men volgt er een programma dat tussen de drie maanden en een jaar duurt. In die tijd is mens voor het grootste gedeelte opgenomen in de kliniek, waar men de hele dag en nacht doorbrengt.
Advies
- Vraag uzelf af waarom u drinkt. Als u drinkt voor de gezelligheid of omdat u het lekker vindt, houd dan wel in de gaten dat u niet meer dan één (vrouwen) of twee (mannen) glazen per dag drinkt want anders gaat het ten koste van uw gezondheid. (Een organisatie als de Kankerbestrijding raadt bijvoorbeeld ook nog twee alcoholvrije dagen per week aan.) Als u drinkt om te ontspannen en uw problemen te vergeten, pas dan op. Problemen verdwijnen niet door alcohol. Voordat u het weet, hebt u er juist een probleem bij.
- Wees eerlijk tegenover uzelf over hoeveel u drinkt. Het drinken van een glaasje alcohol wordt snel een gewoonte. En voor u er erg in hebt, wordt dat ene glaasje er twee of meer. De volgende signalen wijzen erop dat u zich in de gevarenzone begeeft: Kijkt u uit naar het moment waarop u kunt gaan drinken? Zoekt u vaker situaties op waarin u kunt drinken en vermijdt u situaties waarin dat niet kan? Kost het u moeite om een aangeboden glas te weigeren? Zorgt u dat er altijd drank in huis is? Heeft iemand uit uw omgeving u wel eens aangeraden om wat minder te gaan drinken? Transpireert u meer? Bent u vergeetachtiger of onrustiger? Slaapt u slechter? Hebt u vaker hoofd- of maagpijn? Deze signalen betekenen stuk voor stuk: uitkijken!
- Als u minder wilt gaan drinken, maak dan duidelijke regels voor uzelf en houd u daaraan. Bijvoorbeeld: ik drink alleen op weekendavonden en bij bijzondere gelegenheden (dus niet bij iedere sporttraining); ik drink nooit als ik moet rijden of werken. Dwing uzelf om ook eens 'nee' te zeggen als u een glas aangeboden krijgt. Als u dorst hebt, neem dan iets wat de dorst echt lest, zoals mineraalwater. Zorg ook dat er voldoende 'vervanging' voor de alcohol in huis is, zoals frisdrank of fruit. En drink eens een paar dagen helemaal niet; dat helpt om de gewoonte te doorbreken.